Sint-Jozefsinstituut OostendeSamen Jongeren Opvoeden |
||||
Vijfenzeventig jaar Sint-Jozefsinstituut in een notendopDe Zusters van de H. Jozef en het katholiek onderwijs in Oostende zijn nauw met elkaar verbonden. Met ooit 6 vestigingen in de stad, hebben ze nu reeds meer dan 160 jaar onderwijs verstrekt aan meisjes en jongens in de badstad. Twee scholen, waarvan het Sint-Jozefsinstituut het oudste en grootste is, hebben alle onderwijsstormen overleefd. De Congregatie van de Zusters van de H. Jozef werd in 1817 in Aalst opgericht door een jonge priester: Constant Willem van Crombrugghe. De zusters gaven vooral onderwijs, maar hielden zich ook bezig met ziekenzorg. Na het ontstaan van het nieuwe koninkrijk België (1830) volgde er een splitsing in de zustercongregatie. De tak van de 'Zusters van de H. Jozef' met hoofdklooster in Brugge, kreeg zuster Julie Herbau als algemeen overste. Deze zuster kwam in 1838 naar Oostende om er de bestaande vrije, lagere school in de Witte Nonnenstraat over te nemen. Naast deze bloeiende, gratis onderwijs verstrekkende volksschool werd door de zusters een aanpalende, school opgericht in de St-Sebastiaanstraat waar meisjes uit de burgerij tegen betaling onderwijs genoten (de School van de Cirkel) en zelfs een klas voor jongens (bleef bestaan tot 1940).
De congregatie stichtte daarna zowat alle katholieke meisjesscholen in Oostende. Deze scholen waren gevestigd in de Vrijhavenstraat op het Hazegras (1859-1962), in de Kaaistraat (1863-1952, nadien het Sint-Andreaslyceum), in de Alfons Pieterslaan (vanaf 1893), in de Vuurtorenwijk (1895-1972) en in de Steenbakkerstraat (1903, het huidige Sint-Lutgardisinstituut). Als vierde vestigingsplaats werd in 1893 de lagere school van Sint-Jozef opgericht met klooster, toen onder de naam 'Het huis van Sint-Jan Berchmans', gelegen langs de Alfons Pieterslaan.
De urbanisatieplannen van koning Leopold II voor het westelijke deel van Oostende werden toen uitgevoerd. Een nieuwe wijk en ook de Sint-Jozefsparochie rezen op uit het niets. Vóór de parochiekerk volledig afgewerkt was, kwamen er reeds een nieuwe lagere school en klooster, want de zusters van de H. Jozef wisten van aanpakken! Pastoor Emile Verhaeghe was dan ook fier om op 25 september 1893 het nieuwe schooltje ('Een poort met drij kassijnen breed') te openen in de Spilliaertstraat, de toenmalige 'Rue Saint-Petersbourg'.Het was een kosteloze, lagere school. De arme kinderen kregen elke week een brood, betaald met de opbrengsten van de offerblok. Na amper 3 jaar diende men de school al te vergroten. De meisjes die de lagere school verlieten, kregen toen al naailessen. Hier lag dus de kiem voor de latere confectieschool. In het schooljaar 1924-1925 werd gestart met een primeur: een beroepsschool voor confectie! Een pril en moeilijk begin met een twintigtal meisjes, 2 klassen en 2 leerkrachten. Vijfenzeventig schooljaren later heeft de kranige jarige 580 leerlingen, 2 directieleden en een kleine 100 personeelsleden.
Naast de vakken 'knippen' en 'naaien' kregen de meisjes ook 'gemengde ontwikkelingsvakken', of algemene vakken, tekenen, huishoudkunde en handel. De eerste leken werden als leerkracht aangeworven.
Tijdens het schooljaar 1933-1934 werd de kaap van 100 leerlingen overschreden! E.Z. Judith smeedde nieuwe bouwplannen in 1935 voor een nieuwe vleugel voor de beroepsklassen. Bij het uitbreken van Wereldoorlog II telde de school al 180 leerlingen. Ondanks de oorlog en de Duitse bezetting bleef het onderwijs doorgaan. Toen op 8 september 1944 de stad bevrijd werd, maakten het Britse en later het Belgische leger gebruik van de schoolgebouwen. De leerlingen moesten dan ook noodgedwongen de lessen volgen in de huizen van hulpvaardige burgers in de onmiddellijke omgeving. De zusters en de parochiepastoor schakelden ten einde raad toen zelfs de prins-regent Karel in, om de lokalen voor het lesgeven terug te krijgen. De school kon weldra weer op volle toeren draaien. De kledingafdeling (1950) en de handelsafdeling (1952) waren nu volledig erkend met een 6-jarig leerplan.
E.Z. Yvonne Libbrecht werd de laatste zuster directrice van de school. Vanaf het schooljaar 1976-1977 werd zij opgevolgd door de heer Louis Calcoen, toen leraar aan het instituut.
Directeur Calcoen zou in zijn jarenlange loopbaan als directeur zowat alle grote onderwijshervormingen meemaken!
Hier volgen de belangrijkste: het invoeren en afschaffen van het type I of V.S.O., de scholengemeenschappen, de fusie, de eenheidsstructuur, de eindtermen, de komst van de eerste jongens (1983), de rationalisatie, de doorlichting en ontelbare besparingen die door de opéénvolgende ministers via wetten en decreten het onderwijs teisterden! Martine Ghyselen
|
Inlichtingen en inschrijvingen Tel: 059 80 24 23
Directie: |
|||